Boedelscheiding 1895 E. van Heerde / R. Tjeerde

Uittreksel eener acte van scheiding, waarbij zijn toebedeeld aan Hk van Heerde twee huizen, erf en tuin in de voorstad te Ambt-Vollenhove kad. Sectie B nr. 850, 851 en 852 groot 6,89 are, d.d. 21 maart 1895. (kantoor van den Notaris M.J. van Krieken te Vollenhove).

Voor Markus Johannes van Krieken, notaris te Stad Vollenhove, verschenen in tegenwoordigheid van de edelachtbare heer meester Hendrik Gerhard Jordens, rechter van het kanton Zwolle, wonende te Zwolle: 

  1. Hendrina Hermanna Doijer, winkelierster, wonende te Stad Vollenhove, gehuwd geweest zijnde met - en thans weduwe van Derk van Heerde als moeder voogdesse over haar twee minderjarige kinderen genaamd Egbert en Jan van Heerde, welke Egbert en Jan van Heerde zijn de enige kinderen gesproten uit het huwelijk van gemelde Hendrina Hermanna Doijer en haren overleden echtgenoot Derk van Heerde, welke overleed zonder over zijne nalatenschap te hebben beschikt en mitsdien tot zijne erfgenamen volgens de wet naliet zijne twee gemelde kinderen. 
  2. Dubbel van Heerde, veehouder wonende te Oosterzee gemeente Lemsterland. 
  3. Hendrik van Heerde, smid wonende te Ambt Vollenhove, 
  4. Theodorus van Heerde, beurtschipper wonende te Vollenhove a. voor zich b. als levenslang vruchtgebruiker der nalatenschap van wijlen zijne echtgenoote Remkje Zwiers, krachtens haar testament verleden voor mij notaris den 23sten December 1889 en c. als gemachtigde krachtens onderhandse volmacht van den 22sten December 1894 welke is vastgehecht aan een acte van boedelbeschrijving verleden voor mij notaris den 28sten december 1894 en daarmee tegelijk is geregistreerd en alzo onder mijne minuten berustende, van a. Reinder Zwiers, schipper, b. Gerrit Zwiers, schipper, en c. Jan Snippe, schipper, de laatste als in algehele gemeenschap van goederen gehuwd met Zwaantje Zwiers, beide eerstgemelden gedomicilieerd te Stad Vollenhove en de laatste te Zwartsluis, tezamen thans de enige erfgenamen volgens de wet van wijlen hunne zuster meergemelde Remkje Zwiers, onder de last van vruchtgebruik zoals hiervoor gemeld en mitsdien met gemelde Theodorus van Heerde als vruchtgebruiker de enige gerechtigden tot hare nalatenschap en tot welke nalatenschap nog behoort het ééntiende aandeel in de nalatenschap van Reinsje Tjeerde, schoonmoeder van gemelde Remkje Zwiers en voor haar overleden, eveneens bezwaard met vruchtgebruik zoals hierna in het brede omschreven. 
  5. Teunis Spit Evertszoon, timmerman, wonende te Stad Vollenhove, als vader en voogd over de minderjarigen Everdina, Evert en Reinsje Spit. Welke gemelde everdina, Evert en Reinsje Spit zijn de enige kinderen gesproten uit het huwelijk van gemelde Teunis Spit Evertszoon en wijlen zijne echtgenote Hilligje van Heerde en aangezien laatstgemelde overleed zonder over hare nalatenschap te hebben beschikt hare enige erfgenamen volgens de wet. En welke Dubbel Hendrik Theodorus van Heerde met wijlen Derk en Hilligje van Heerde waren de enige kinderen gesproten uit het huwelijk van thans beide wijlen echtelieden Egbert van Heerde en Reinsje Tjeerde. 
  6. gemelde Hendrik van Heerde, als volgens zijne verklaring toeziende voogd over a. de twee minderjarigen Egbert en Jan van Heerde en b. de drie minderjarigen Everdina, Evert en Reinsje Spit die verklaarden te willen overgaan tot scheiding en deling der goederen en schulden behorende tot de Frans wettelijke gemeenschap van goederen bestaan hebbende tussen hunne ouders en grootouders thans beide wijlen de echtelieden Egbert van Heerde en Reinsje Tjeerde en tot hunne nalatenschappen.

Vooraf gaven zij te kennen, dat op den enz., dat gemelde Egbert van Heerde en Reinsje Tjeerde bij hunne respectieve testamenten verleden voor de destijds te Stad Vollenhove gevestigde notaris Marinus Adrianus Kroon den 6den November 1885, na overlijden geregistreerd, elkander over en weder legateerden het levenslange vruchtgebruik hunner nalatenschappen en voorts legateerden aan hunnen zoon Hendrik van Heerde al zodanig deel als hun toekwam in de huizen met smederij, erf en tuin in de Voorstad te Ambt Vollenhove kadastraal bekend in sectie B nummers 80, 851 en 852 groot 6,89 are, benevens alle gereedschappen tot de smederij behorende onder verplichting om daarvoor in hunne nalatenschappen in te brengen ene som berekend naar f 1400 en aan hunnen zoon enzovoort,

Dat gemelde erflaters tot hunne erfgenamen hebben nagelaten: Dubbel, Hendrik en Theodorus van Heerde als kinderen, ieder voor een vijfde gedeelte; Egbert en Jan van Heerde, de kleinkinderen en bij plaatsvervulling opkomende voor wijlen hunnen vader Derk van Heerde tezamen voor een vijfde gedeelte, en Everdina, Evert en Reinsje Spit als kleinkinderen en bij plaatsvervulling opkomende voor wijlen hunne moeder Hilligje van Heerde, tezamen voor een vijfde gedeelte. Dat op enzovoorts, dat als dag van scheiding wordt aangenomen 1 Januari dezes jaars van welke datum alle lusten en lasten zijn en komen ten behoeve en ten laste van de respectieve verkrijgers.

Dat zij thans eerst wensen af te geven ter voldoening aan de door hun ouders en grootouders gemaakte testamentaire beschikking te weten: Aan Hendrik van Heerde de hiervoor gemelde huizen met smederij benevens alle gereedschappen tot de smederij behorende, kadaster sectie B nummers 850, 851 en 852 groot 6,89 are der gemeente Ambt Vollenhove voor de somma van f 1400 en aan enzovoort. Voorts verklaren de deelgenoten dat gemelde sommen door de legatarissen respectievelijk zijn ingebracht en daarvoor bij deze kwitantie gegeven. Volgt alsnu enzovoorts.. Voorts verklaren de comparanten: dat het hiervoor gelegateerde en afgegeven onroerend goed aan de legataris is afgegeven met alle lusten en lasten, vrijdommen en gerechtigdheden, erfdienstbaarheden, zo lijdende als heersende, voetstoots en alzo zonder aan over of ondermaat gehouden te zijn; dat zij enzovoort...

Dat zij van de hiervoor vermelde onroerende goederen geen meerdere titels van aankomst of bewijzen van eigendom kennen of kunnen afgeven, noch die meerder voorhanden hebben en voor zoveel hun bekend is niet te weten dat daarvan enige meerdere overschrijving ten hypotheekkantore heeft plaats gehad dan een onderhandse acte van aankoop en verkoop getekend den 1ste November 1868 welke is geregistreerd te Vollenhove den 25sten november 1868, deel 34 folio 190 recto vak 7 een blad zonder renvooi. (etc) .... En acten van publieke veiling gehouden door den destijds te Stad Vollenhove gevestigden notaris Pieter Jennes den vijfden en negentienden April 1864 blijkens geregistreerde processen-verbaal van die datum onder mijner minuten berustende, overgeschreven ten gemelden hypotheekkantore den 9den Mei 1864 in deel 274 nummer 26; enzovoort enzovoort.

Tenslotte verklaren de comparanten toe te stemmen dat de overschrijving dezer acte in de daartoe bestemde openbare registers te Zwolle geschieden zal naar een authentiek uiuttreksel derzelve en dat zij voor de tenuitvoerlegging dezer woonplaats kiezen ten kantore van de bewaarder van deze minuut. De heer kantonrechter verklaarde deze scheiding goed te keuren. De comparanten en de getuigen zijn aan mij notaris bekend.

Waarvan acte, in minuut opgemaakt, is verleden te Ambt Vollenhove in het logement van Theodoor van der Veen, den 21sten Maart 1895, in tegenwoordigheid van Teunis Jan Willemsen, gemeente-ontvanger en Gerrit Zwier, notarisklerk, beiden wonende te Stad Vollenhove, als getuigen.

Na voorlezing hebben de comparanten, de heer kantonrechter, de notaris en de getuigen deze acte ondertekend. 

H.H. Doijer de weduwe van Heerde, D. van Heerde, H. van Heerde, Th. van Heerde, T. Spit, Jordens, M.J. van Krieken, notaris, T.J. Willemsen, G. Zwier.