Boedelscheiding 1962 (restant) Egbert van Heerde / Froukje van der Linde

Op 22-5-1961 overleed 'opoe', Froukje van der Linde, weduwe van Egbert van Heerde, die woonde boven de winkel op Voorpoort 7. Al op 9-6-1961 vond een gesprek plaats met de gemeente over de verkoop van een stuk grond uit de boedel, waarschijnlijk bedoeld voor de aanleg van het industrieterrein De Weyert. Het gebied heette toen 'de Kampen'. Zie de situatieschets, die de gemeente op 20-7-1961 stuurde. Op 8-12-1961 meldde de familie akkoord te gaan met de verkoop van het betreffende stuk, B (4) 1364 ter grootte van 3010 m2 voor de prijs van f 1,25 per m2, totaal f 3762,50. De officiŽle verkoop was gelijktijdig met de boedelscheiding, zie hieronder.

Ook het pand Kerkstraat 11 dat tot de boedel behoorde, werd voor f 1500 verkocht aan de gemeente, die op 23-3-1962 meldde dat het raadsbesluit daartoe door GS was goedgekeurd, en de notaris Van Dam was verzocht de akte op te maken, en die passeerde op 10-10-1962 tegelijk met de akte van boedelscheiding, zie hieronder. Het pand, 80 m2 klein, werd in januari 1963 afgebroken om plaats te maken voor de verbrede Gasthuissteeg, daarna Gasthuisstraat genaamd. In 1961 was het pand, hoewel onbewoonbaar verklaard, nog bewoond tot 9 september blijkens de huuropbrengst van f 5,50 per week.

Op 10-10-1962 vond de formele verdeling plaats van de nalatenschap van Egbert van Heerde (overleden 1-10-1937) en Froukje van der Linde (overleden 22-5-1961). De akte, welke door notaris Van Dam werd opgesteld, was omvangrijk: 24 bladzijden. Hieronder een samenvatting. De personen waren grotendeels hetzelfde, met dien verstande dat Jantje Dragt optrad als gemachtigde voor Hendrik's broer Roelof en zusters Hendrikje en Johanna Maria, en Jan van Dalen als weduwnaar van Femmigje van Heerde (overleden 22-9-1956) voor zichzelf en als vader-voogd voor zijn minderjarige kinderen Hendrik en Egbert. Al eerder was uit de boedel gedeeld huis Voorpoort 5 en smederij, en aan de gemeente een deeltje grond geschonken (t.b.v. trottoir?). Aangezien er geen testamenten waren, werd alles naar rato verdeeld. Eerst moest de situatie van 1937, het sterfjaar van Egbert worden bepaald, en vervolgens die op de sterfdag van Froukje.

De onroerende goederen omvatten oorspronkelijk de uit Ambt-Vollenhove afkomstige percelen B 851, huis en erf 130 m2, b 1203 tuin 235 m2, B 791 tuin 460 m2, B 852 huis 89 m2, B 1204 tuin 235 m2 en B 1364 bouwland 7710 m2. Over blijft dan volgens de nieuwe aanduidingen huis, erf en tuin Voorpoort 7, B 1797 / 1204 / 1772 (deels), samen 421 m2, een perceel bouwland aan de Kampen te Vollenhove, B 1364 van 7710 m2, samen waard f 14673. De roerende goederen als meubilair, kleding, winkelgoederen werden geschat op f 650. Er waren heel wat vorderingen, zoals achterstallige huur van het pand Kerkstraat 11.Verder leningen aan schoonzonen Cor van Roon (f 1500), en Johannes van der Ziel (f 4000), zwager Jan de Vries te Kampen (f 1500), Albert van der Linde te Wanneperveen (Zomerdijk bij Meppel) f 1500, Everdina en Reinsje Spit in Den Haag f 600, Stoffel Winters in de Zuurbeek f 1000, Harm Jan van der Linde te St. Jansklooster f 1150, Marten Huisman te St. Jansklooster f 600, Jan van der Linde in de Barsbeek f 900, zoon Hendrik van Heerde f 1400 en tot slot een in 1937 openstaande smidsrekening van f 216 van Roelof Smit te Vollenhove. Samen met wat contant geld en openstaande rekeningen kon de eerste verdeling op papier plaatsvinden. Het onroerend goed was nog hetzelfde, met toevoeging van het al eerder vermelde huis aan de Kerkstraat, A 1356, 80 m2, getaxeerd op f 700 maar in deling gebracht voor f 1500 (??). Het roerende goed was getaxeerd op f 900, en er was f 1233,44 in kas. Op de bank stond f 155,28. Er waren schuldbekentenissen van Egbert Nijkamp te Maarn van f 2000, Marten huisman van f 600, Cor van Roon f 2000, Johannes van der Ziel f 2000, Hendrik van Heerde f 5233, Roel van Heerde f 500. Op het moment van opmaken van de akte is het onroerend goed 'nog geheel aanwezig', waard f 10059, staat er f 2519 op de bank , is de lopende rekening met Hendrik van Heerde f 350 en moet er nog door K. Roskam f 144 aan pacht en door de Cultuur Technische Dienst f 36 aan pacht worden betaald. De vorderingen op de zoon en schoonzonen is inmiddels vanwege rente opgelopen, maar dat maakt niet uit want de schuld wordt toch verminderd met hun erfdelen, te weten f 5961. Totaal valt er f 18408 te verdelen uit moeders deel. Verdeeld wordt er dan als volgt: Hendrik van Heerde krijgt Voorpoort 7 met erf en tuin voor f 9500, een deel van het bouwland B 1364, 3010 m2 voor f 3763 (direct doorverkocht aan de gemeente), gepacht door de CTD, het pand Kerkstraat 11 (dat direct wordt doorverkocht aan de gemeente), A 1356 (vroeger 599?) voor f 1500. Aan zijn broer en zusters moet hij zo f 15164 betalen in contanten. Roel krijgt het spaarbankboekje, Jo en Zus (Hendrikje) een deel van de huisraad, en Jan van Dalen krijgt naast een deel van de huisraad het resterende deel van het bouwland op de Kampen, van 4700 m2 dat gepacht wordt door K. Roskam. De onroerende goederen B 1204, 1364, 1772 en 1797 zijn in eigendom van Egbert van Heerde gekomen deels op 22-12-1924 via onderhandse transportakte, deels via onderhandse scheidingsakte 12-7-1928, deels via onderhandse transportakte op 15-9-1937. Het perceel A 1356 kwam in handen van Froukje op 5-5-1942.