2-10 - dag 13 - Jogjakarta

Jogjakarta is de sultanstad en het eeuwenoude artistieke centrum van Java. Wij maakten een tocht per becak (fietstaxi), 's morgens langs een aantal bekende attracties en 's middags langs een aantal ambachtelijke werkplaatsen.

Becak is de Indonesische benaming van fietstaxi. Een becak is een klein voertuig voor een of twee passagiers in een bakje met daarachter de bestuurder. Je kunt het een beetje vergelijken met een bakfiets. Een becak is geen riksja, het verschil is dat bij een becak de bestuurder de passagiers in het bakje duwt in plaats van voortrekt. De becak word veel gebruikt in Yogyakarta en vele andere steden in Indonesie. Je vind de becaks vrijwel bij alle drukke gelegenheden in Yogyakarta zoals winkelcentra, lokale markten, pasar malams, winkelstraten en evenementen.
Het gebruik van een becak is vrij simpel, je maakt de bestuurder duidelijk waar je heel wilt en spreek een prijs af, afdingen is aan te bevelen. Een ritje van bijvoorbeeld Prawirotaman naar Kraton (Keraton) kost gemiddeld 20 Ė 25.000 roepia's per rit. Becak bestuurders in de toeristische plekken van de stad spreken een redelijk woordje Engels en bieden vaak korte stadstours aan door Yogyakarta . Dit is een leuke activiteit voor toeristen om wat van de stad te kunnen zien.

Leuke attracties om in zo korte stadstour te bezoeken bleken de vogeltjesmarkt, de ondergrondse moskee, het waterpaleis en het Kraton, het paleis van de sultan.

De afstanden waren niet groot. We vertrokken om 8.30 uur vanaf het hotel, waar voor iedereen een becak klaar stond. In een lange optocht reden we naar de vogeltjesmarkt of Pasar Burung Ngasem, waar we een klein half uur ronddolden. Het was er niet druk. Op deze kleurrijke vogelmarkt vind je honderden vogels. Voor de Javaan is een goed gestemd vogeltje een van de vijf statussymbolen, waarover hij dient te beschikken. Een vogel is bijna net zo belangrijk als een huis, een keris (dolk), een vrouw en een paard. In de vele decoratieve kooitjes zitten parkieten, tortelduiven, wielewalen, hanen, uilen en zelfs haviken. De prijzen variŽren en hangen af van de toon en stemsoort. Vogeltjes met een mooie stem kunnen in waarde richting een motorfiets gaan. Naast vogels kun je hier ook honden, katten, konijnen en apen kopen.

Vervolgens reden we naar de ondergrondse moskee, nog geen 6 kilometer in totaal.

We liepen naar het nabijgelegen waterpaleis. Ten westen van het kraton van Yogyakarta liggen de ruÔnes, zwembaden, gewelven en ondergrondse gangen van het Taman Sari, het waterpaleis. Dit voormalige koninklijke zwembad, dat in 1758 door sultan Hamengkubwono I is gebouwd, en de centrale binnenplaats met de badnimfen zijn gerestaureerd. Oorspronkelijk lagen de mannen- en vrouwenbaden van elkaar gescheiden door een toren. Vanuit deze toren kon de sultan toezicht houden op het geheel, en vooral op zijn harem.

Vlakbij was ook een wajangpoppenatelier.

Van daar liepen we naar het Kraton, waar we zo'n anderhalf uur doorbrachten. Daar speelde een gamelan orkest.

Met een stokoude maar zeer goed Nederlands sprekende gids - met het bekende accent - maakten we een rondje door de verschillende gebouwen, met vooral een tentoonstelling over het leven van de voorlaatste sultan.  Het ommuurde paleis van de sultan ligt in het centrum van Yogyakarta. Dit kraton stamt uit 1755. Sultan Hamengkubuwono I is de ontwerper van het kraton en tegelijkertijd de stichter van het koninkrijk Ngayogyakarta Hadiningrat. De huidige sultan woont nog steeds in het kraton.

De locatie van het paleis is niet willekeurig gekozen. Het kraton is gelegen tussen twee rivieren, de Code in het oosten en de Winongo in het westen. Water is makkelijk voorhanden en tegelijkertijd is er geen overstromingsgevaar. Daarnaast ligt het kraton op ťťn lijn met de zee in het zuiden en de vulkaan Gunung Merapi in het noorden wat mystieke voordelen met zich meebrengt.
Volgens de mythe is het kraton door deze geografische lijn beschermd door de geesten die in Gunung Merapi leven en de godin van de zuidelijke zee, Nyai Roro Kidul. Nyai Roro Kidul was een prinses die godin werd, nadat ze vrijwillig verdronk om een boze bezwering te verbreken.

In een paar delen van het kraton zijn Europese stijlen te zien, maar verreweg het grootste deel is een goed voorbeeld van Javaanse paleisarchitectuur. Het gebouw is 14.000 m2 en de diepe filosofische betekenis wordt verbeeld in de verschillende ruimtes, de houtsnijwerken, de bomen en de lokatie.
De Javanen beschouwen het kraton en het omliggende gebied als de microkosmos. Door een harmonische opbouw van de verschillende elementen van het keraton blijft het echte universum in evenwicht.

We lunchten bij het Kraton restaurant.

Om 14 uur gingen we weer verder per becak naar een atelier en winkel van zilversmeden, een kleine 2 kilometer van het kraton. Drie kwartier later gingen we naar een batikfabriekje, waar we het hele proces van het maken van batik konden bekijken. Er werd verteld dat alles of ter plaatse werd gemaakt, of ambachtelijk direct in de omgeving. Vlak na drieŽn waren we weer terug bij het hotel.

Omdat er een viertal mensen al dagen lang last van buikloop bleven houden - al vanaf vermoedelijk Bukit Lawang - werd er een dokter besteld. Deze meneer dr. Iwan Tansuir (aangesloten bij SOS Global International) kwam vlot, meldde dat hij die dag al ruim 15 toeristen had behandeld en toucheerde graag 4x een consult-aan-hotel, inclusief drie soorten pillen per persoon 80 euro... maar het hielp wel. Later kwam er nog een vijfde van de groep aankloppen om hulp.

We brachten nog een mooie tijd door aan het zwembad, waar de plaatselijke jeugd op dat moment nog zwemles kreeg. 's Avonds zochten we langs de straat naar de ringweg naar een leuk en geschikt restaurant, liefst met westers eten, en vonden K Meals restaurant op 10 minuten lopen. Het eten was er prima, de bediening vlot en goed dus hebben we er de dag daarna nogmaals gegeten - en weer prima. Diverse groepsleden sloten zich bij ons aan!

De volgende dag maakten we een excursie naar de Borobudur.

Terug naar het overzicht